Man
vrouw

De sneeuwgors wordt voornamelijk in de winter waargenomen in Nederland. Het mannetje heeft in zomerkleed een geheel wit verenkleed met zwarte mantel. Ze hebben ook bruine tinten in hun verenkleed.

Kenmerken en specificaties Sneeuwgors

  • Mannetje in zomerkleed: geheel wit, zwarte rug, zwarte mantel, zwarte schouderveren, zwarte vleugelpunt, zwarte binnenstaart, en een zwarte snavel
  • Vrouwtjes in zomerkleed: bruin op de kop, zijhals en rug
  • Winterkleed: mannetje en vrouwtje lijken erg op elkaar. Rossige geelbruine tint op de kop, zijborst en rug, de mantel en rug geelbruin met zwarte strepen. De bovenvleugels wit met zwarte uiteinden
  • Vrouwtjes en jonge vogels hebben minder wit op de vleugels
  • Wettenschappelijke naam: Plectrophenax nivalis
  • Lengte: 14 tot 18 cm
  • Voedsel: zaden, maar ook insecten
  • Geluid: meestgehoorde roep een zachte kanarie-achtige roller, maar in een grote groep ook geregeld snerpende irritatieroepjes. In vlucht ook een helder, fluitend “tjieoe“. Zang een kort hees gekwetter, doet aan veldleeuwerik denken.
  • Komt in de winter af en toe eens voor in Nederland

Geluid Sneeuwgors